Baardmannetje

IMG_4597.PNG
Afgelopen zaterdag kregen we een rondleiding door Leyduin. Vriendin S. werd vijftig en het leek haar leuk om, voorafgaande aan haar verjaardagsfeest, met een paar vrienden en familieleden in ‘ons’ duingebied te lopen.

Na een helse fietstocht, – het hele weekend werkt ProRail aan het spoor en alle overgangen zijn gesloten, – komen wij aan bij het verzamelpunt. Wij, die het meest dichtbij wonen, zijn te laat. Onze gids merkt fijntjes, na onze excuses van spoorbomen die dicht waren, op: ‘ik woon ook in Bennebroek en ben op tijd vertrokken.’ Ik kijk S. even aan en we zijn opeens weer 19 jaar: in de schoolbanken van de Pedagogische Academie, belerend toegesproken door een leraar. Zij trekt haar wenkbrauw op en ik lach. De excursie gaat beginnen.

Thuis kijken we soms op televisie ‘De Baardmannetjes.’ Zwartkijker Hans Dorrestijn en ene zeer vrolijke Nico zoeken vogeltjes in de Hollandse natuur. Zij voeren conversaties als: ‘wat vind jij nu het mooiste vogeltje, Hans?’ ‘Ik vind de gele kwikstaart mooi, het IJsvogeltje ook. Maar eigenlijk is het IJsvogeltje te perfect geschapen. Ik denk, Nico, dat ik de kneu toch het allermooiste vogeltje vindt.’ De kneu! Toen ik dit vogeltje zag wist ik direct dat dat mijn niet-roodborstje in Normandie was*: een kwiek vogeltje met een piepklein kuifje en een rood borstje.

De baardmannetjes keuvelen erop los, in dit Omroep-Max-programma in optima forma. Goedkoop, langzaam en op en top Hollandse kneuterigheid.

Onze Leyduin-gids is een soort baardmannetje. Hij wijst ons op een enorme beuk, die opgegeten wordt door de zogenaamde reuzendoder. Een zwarte paddenstoel, die zich als een kankergezwel in de haarvaten van de beuk vastbijt en alles opvreet. We lopen langs de Ginkgo, een Japanse tempelboom, die, als het een vrouwtje is, na 30 jaar vruchten draagt. Een vrouwelijke boom? Nog nooit van gehoord. Baardmannetje weet alleen niet of dit exemplaar een vrouwtje is. ‘Deze is nog geen 30 jaar oud.’ En zo kabbelt de tijd voort. Ik droom soms heerlijk weg. Naar de botanische tuin in Bogor. Ook daar zag ik wonderlijke bomen en struiken. De tropische hitte en de groene overdaad aan exotische planten, eeuwenoude bomen, en taaie lianen staan mij nog goed bij. Evenals de zielige, vasthoudende pennenverkoper die ons tot in de auto achtervolgde. We kochten geen pen. Raymond heeft er nu nog spijt van.

Hier op het duin is het fris. Dreigende wolkenluchten begeleiden onze wandeling. En ik stap en droom voort. Ik kijk naar ons baardmannetje. Zou hij leraar zijn? Feitjes, kennisoverdracht en luisterende oortjes. Een licht-docerende toon. We lopen verder. De blaadjes onder mijn schoenen zijn zacht en een beetje zompig.

We beklimmen de Belvedère. Een uitzichtpunt dat ooit de rijke jonkheer, die hier vroeger woonde, plaatste. Boven op een hoge duintop. Het lijkt op een theehuisje. Na een restauratie zit er een comfortabel, houten bankje in. Het ruikt naar gloednieuw hout, daar in de Belvedère. Vroeger keek je uit op de Haarlemmermeer. Aan de andere kant zag je de zee. Nu zie je alleen maar bomen. We dalen het steile trappetje af. De tocht wordt voortgezet.

Na anderhalf uur zijn we bij het beginpunt. En ja, baardmannetje is oud-leraar. Biologie. Ik dacht het wel. Hij woont vlakbij ons in de buurt. Maar ik heb hem nog nooit gezien. In dit kleinste dorp van Nederland kom ik nooit iemand tegen. Gek eigenlijk.

Fietsend naar het feest denk ik aan de kneu. En opeens weet ik het zeker. De kneu is ook mijn lievelingsvogeltje.

*Zie blog Dromen

Advertisements

Leave a Reply

Please log in using one of these methods to post your comment:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s