Oei, ik groei!

IMG_4717.JPG
Gij zijt de boog waarmee uw kinderen als pijlen het leven in worden geschoten. De boogschutter ziet het doel op het pad van de oneindigheid en spant u met al zijn kracht opdat zijn pijlen gezwind en ver vliegen. Laat het spannen door de boogschutter u tot vreugde zijn. (Kahlil Gibran, 1883-1931)

Opvoeders, zo las ik eens, zijn stakkers, die tasten in het duister.

Als jonge ouders kochten wij ooit het boekje ‘Oei, ik groei!’ Twintig jaar geleden was dit boek over baby’s en opvoeden hot. Het echtpaar Frans Plooij en Hetty van der Rijt hadden, na intensief wetenschappelijk onderzoek, ontdekt dat baby’s ‘sprongetjes’ maken in hun ontwikkeling. Dan worden baby’s huilerig, hangerig en vervelend. Ze willen ‘terug naar mama.’ Maar na zo’n ‘sprongetje’ hebben ze weer wat bijgeleerd.

Iedere keer als ons kind huilde, hangerig of vervelend was troostten we ons met de gedachte aan dat ‘sprongetje’: zometeen kon ze weer wat nieuws! En we liepen onze rondjes voor de boekenkast (daar werd ze rustig van) en droegen tijdens het koken de zware draagzak, die onhandig tussen jou en het aanrecht hing. Je rug was daarna in tweeën gebroken. Maar ‘terug naar mama’ ging voor jouw rug.

Na de hectische baby-tijd wisten wij wel wat het woord ‘moe’ precies betekende: voor de komst van de baby waren wij ook vaak ‘moe’: we sliepen uit, deden ‘s middags een dutje en waren ‘s avonds weer ‘moe’. Maar zo moe kunnen zijn als in de baby-tijd, geen idee hadden we daarvan! Zo moe dat je dacht: ‘hoe kom ik de dag door?’ Nauwelijks geslapen, om het uur wakker, strompelden we ons de (werk-) dag door. Baby halen uit de crèche, koken, eten, opruimen, badje en daarna stortte je in bed. Om nooit meer wakker te worden. Maar ‘s nachts begon het circus opnieuw: in het donker zoeken naar verloren speentjes, luisteren naar de aanloop van de huilbui, ‘zou ze doorslapen? Ja…, nu hoor ik niets meer…nee, ze begint weer..’ En hup, daar stond je weer naast het bedje en liep je in het uiterste geval naar beneden voor een (verboden) flesje: ‘nee, mevrouw, niet meer ‘s nachts de baby een flesje geven, anders slaapt ze nooit door…’ Ja ja, maar NU wil ik slapen! Maakt niet uit HOE! En ze blijft een paar uurtjes stil door de warme melk…En zo ploeterden we voort.

Na de baby-tijd, waarin iedereen zei ‘geniet ervan!’, werd het langzamerhand gemakkelijker. Onze tweede baby, die maandenlang ‘s nachts ononderbroken hartverscheurend huilde, onderbrak zo’n anderhalf jaar onze gemoedsrust. Overdag was hij zo’n schat dat je hem de nachten vergaf. ‘Ik breng hem NU naar beneden!’ ‘Ach, nee, nog even wachten…, misschien houdt het zo op…’ ‘Nee, NU gaat hij weg!’ Dat waren onze middernachtelijke fluisterruzies over ons kleine jongetje, dat we ‘s nachts beneden in het campingbedje legden als hij begon te brullen. Schuifdeuren dicht. Boven lag je uren te luisteren. Hield het nu op? Huilde hij niet meer? En ook van de plotselinge stilte kon je niet slapen. Zachtjes liep je naar beneden om te kijken of hij nog ademde. Je tuurde door het glas van de schuifdeur. Twee bruine knikkeroogjes keken je aan. Hij leefde nog! Maar het huilen begon natuurlijk opnieuw. Als je weer wegliep naar boven. Die tijd ‘s nachts… Dat was zeker niet genieten.

Daarna werd het beter. Veel beter. Op mijn vrije dag fietste ik met ze naar de kinderboerderij. Zitje voor, zitje achter. Naar oma. Of naar het strand. Terug met twee slapende, slappe lijfjes, die telkens bijna met hun bruinverbrande gezichtje tegen het stuur knikkebolden. En achterop van links naar rechts zwaaiden. Het was een toer om ze al fietsend te ondersteunen. We deden boodschapjes. We zwommen en zongen onzinnige liedjes met baby-en peuterzwemmen. ‘Helicopter, helicopter, vlieg met me mee omhoog!’ En hoog boven het warme zwembadwater draaiden we de verbaasd-kijkende baby’s in het rond. Peuter-muziekles. Voorlezen.

En je dacht vertederd terug aan de baby-tijd. Waarin je zo heerlijk gedwongen werd niets anders te doen dan te zitten met de baby en de fles. Soezen in de stoel. Met dat lieve, warme lijfje. Het campingbedje in de voorkamer was je glad vergeten. Zo werkt dat kennelijk.

En opeens heb je twee bijna-volwassenen in huis. Grote lijven. Die ‘s ochtends de badkamer in beslag nemen. Bij het ontbijt met een oortje in, in zichzelf gekeerd, een boterham eten. Die je in het voorbijgaan naar school, rugzak op de rug, een afwezige kus geven. Die iets onverstaanbaars hummen als jij zegt: ‘veel plezier vandaag!’

Die als een prachtige vrouw naar beneden komen in een wolkje parfum. Met een gedraaide wrong in het blonde haar. Subtiel opgemaakt. Een wit bloesje met een beige vestje. Een donkere, strakke spijkerbroek en zandkleurige ‘sluipers’. Zo noemden wij vroeger de slappe (eigenlijk) jongens-schoenen. Nu heeft ons meisje dit soort schoenen aan.

Soms loopt er een derde bijna-volwassene in huis. Hij pakt een handdoek uit je kast. Jij poetst net je tanden. En je staat nog bij de wasbak in je b.h. met een mond vol wit schuim. Een vriendelijk ‘goede morgen’ hoor je en voor de derde keer die ochtend klatert de douche.

Benieuwd ben je soms wel. Hoe hebben we het er nu vanaf gebracht? Als ouders? Eens zat Julia naast me in de auto en zei: ‘ik heb een heel leuke jeugd gehad. Ik was zo verlegen, maar dat vonden jullie niet erg. Ik keek en zag veel, mam. Ik ken nog alle namen van alle kinderen uit mijn kleuterklas. Maar ik zei nooit wat. Dan stond ik achter jou, vlak tegen je aan. Ik zei niets, maar ik zag alles.’

Ik kon niet veel zeggen, daar in de auto. Ik dacht: ‘we krijgen gewoon een compliment. Zo opeens, in de auto.’ En het ontroerde me. Het was de manier waarop ze het zei. Terloops, maar gemeend. Gewoon, maar bijzonder. ‘Jullie vonden het niet erg dat ik zo verlegen was.’ Nee, natuurlijk niet! Maar hoe fijn was het dat ze dat gevoeld had. Dat we haar lief en goed vonden zoals ze was. En hoe mooi pakte het uit. Het verlegen, stille meisje werd een mooie, zelfbewuste vrouw.

Gisteren vroeg ik aan mijn steeds langer en breder wordende zoon: ‘hoe vind je dat wij het als ouders doen?’ Hangend in de zwarte bureaustoel op het ‘kantoortje’ doet hij met zijn uitgestrekte voet loom de deur open. Een IPhone-oortje in zijn rechteroor. Een wit draadje hangt langs zijn gezicht. Hij kijkt mij half-lachend aan: ‘wat bedoel je?’ ‘Nou, hoe voeden wij jou op, wat vind je van ons als ouders?’ En ik denk aan mijn gezeur tegen hem over school. ‘Kut!’ zegt hij, nu breeduit lachend. ‘Ah nee, chill hoor. Jullie zijn wel chill. Jullie vinden veel goed. Alle kinderen die niet veel mogen, doen juist de slechte dingen.’ ‘Hoe bedoel je, wat voor slechte dingen?’ ‘Nou, drinken, blowen enzo’ Ik slik de woorden ‘dat doe jij dus niet?’ in. ‘Wat bedoel je eigenlijk met streng, Max?’ ‘Sommige ouders zeggen: ‘je moet zo en zo laat thuis zijn.’ Dat doen die kinderen niet en dan krijgen ze straf. Huisarrest ofzo. Ik krijg nooit straf. Ja, een keer, toen ik was geschorst.’ ‘He, geschorst, wanneer was dat dan?’ vraag ik.

Hij kijkt me verlegen aan: ‘je weet toch wel, toen ik mevrouw J., net alsof op haar billen sloeg’ O ja, en ik glimlach. In een stoere opwelling had hij de gezette juf J. als 14-jarige, een zogenaamde klap gegeven toen ze zich, schuin voor hem, vooroverboog. Hij kon het niet laten. Helaas had mevrouw J. het door. En werd hij geschorst. Ik was het al weer bijna vergeten. ‘Jullie hebben toen mijn telefoon afgepakt. Dat was de enige keer dat ik straf kreeg.’ Hij heeft genoeg van dit alweer veel te lang durende gesprek. ‘Ik ga zo nog even weg.’ ‘Maar wij zeggen toch ook dat je op tijd thuis moet zijn’ probeer ik nog. ‘Ja, en dat ben ik ook want ik heb geen zin in gezeik.’ En hij sluit zijn kamerdeur om zich om te kleden. Want hij gaat nog even weg.

Ik geloof dat we het aardig gedaan hebben. Wij, die in het duister tastende stakkers.

Advertisements

Leave a Reply

Please log in using one of these methods to post your comment:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s