Nergens en niets

IMG_4844.PNG

Nazomer

ik heb in het gras mijn wapens gelegd
en mijn wapens gaan geuren als gras
ik heb in het gras mijn lichaam gelegd
mijn lichaam is geurig als hout bitter en zoet

dit liggen dit nietige luchtige liggen
als een gele foto liggend in het water
glimmend gekruld op de golven
of bij het bos stoffig van lichaam en schaduw

oh grote adem laat de stenen nog niet opstaan
maak nog niet zwaar hun wangen hun ogen
kleiner gebrilder en grijzer

laat ook de minnaars nog liggen en stilte
zwart tussen hun zilveren oren en ach
laat de meisjes hun veertjes nog schikken en glimlachen

Lucebert, 1953

De hele week zit het in mijn hoofd: schrijven. Soms kruipt het helemaal naar achteren, naar de uithoek van de kleinste hersenen. Vele plichten roepen: overleg, vergaderen, naar Utrecht (overleg), naar Amsterdam (cursus), notitie schrijven, plan afmaken, mail beantwoorden, bellen en klusjes thuis. Het laatste zo min mogelijk, want ik heb een hekel aan klusjes thuis. Het enige wat ik leuk vind is koken, maar alleen als ik daarvoor ruim de tijd heb. En die heb ik niet. Dus vind ik koken ook geen leuk klusje.

Vrijdag ben ik moe. Maar er moeten twee stukken af. En een artikel voor intranet. En een belletje naar een collega. En nog één eigenlijk. Leuk om te doen, maar niet als je moe bent. Ik rek mijn bedtijd. Buiten is het mistig. Binnen hoor ik woongeluiden. Doortrekken. Tanden poetsen. Deur dicht. Deur open. Een brommerig- zingend kind dat blij is met de laatste schooldag. Ik moet eruit. Maar ik rek en rek de tijd.

Bladerend door mijn hoofd denk ik aan een gedicht. Eén over rust en ruimte. En ik stuit op de dichter Lucebert. Ooit kreeg ik een gedicht van hem te verklaren op mijn examen Nederlands. Een onbegrijpelijk gedicht. Woord voor woord puzzelde ik mij er doorheen. Ik had een uur voorbereidingstijd. En het lukte deze Vijftiger te doorgronden. Later begreep ik dat Lucebert, ook schilder, zijn gedichten tekende, opbouwde, verbouwde. Een waar kunstwerkje.

Ik wil schrijven. En lezen. En tijd hebben. En ik wil rust in het hoofd. Ik creëer even, heel even rust, tijd en ruimte. Ik heb maar een uur nodig. Maar het is genoeg. Ik ga zo echt aan het werk. Eerst nog even liggen. En ik sluit mijn ogen.

Klusjes. Je kan ze uitstellen, volgende week weer een week. En daarna nog één. Ik ga zo echt beginnen. En nu ik dit lees denk ik:’het gaat nergens over.’ Heerlijk. Niets, nergens, rust, tijd. Lekker.

Advertisements

Leave a Reply

Please log in using one of these methods to post your comment:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s