Echte mannen

/home/wpcom/public_html/wp-content/blogs.dir/ad1/71051968/files/2014/12/img_5268.jpg
Laatst kwam mijn vader op bezoek. Ik was jarig, dus hij zou rond 14.30 uur ‘s middags bij ons zijn. Er was diverse keren over gesproken en gebeld. 14.30 uur kwam hij. Voor een kopje thee met een taartje. Om 14.45 uur was hij er nog niet.

‘Ik bel hem wel’, zegt Max in zijn vrolijke, dikke wintervest. Maar opa neemt niet op.
‘Hij is vast onderweg’, zeg ik.

Zo’n vijf minuten later zie ik zijn auto onze straat inrijden. Hij parkeert net uit ons zicht. En het duurt lang voor we zijn grijze hoofd voor ons raam zien verschijnen. Alledrie staren we, zittend aan de eettafel, naar buiten. Nee, geen grijs hoofd.
‘Hij zal toch niet direct uit de auto op de grond gevallen zijn?’, vraag ik zo in het algemeen. Niemand antwoordt.

Ik loop naar het raam en ja, daar strompelt hij met zijn stok in zijn rechterhand over de straat. In zijn linkerhand draagt hij een bos bloemen. Ik zie opeens hoe klein hij is geworden. ‘Ik krimp’, zei hij laatst en nu zie ik het. Hij krimpt.

Licht gebogen loopt hij moeizaam de stoep op. Ik snel naar de deur. Op ons tuinpad liggen een paar ongelijke klinkertjes. Door de onzichtbare wortels van onze berkenboom komen wat tegels langzaam maar zeker omhoog. Voordat hij daarover een smak maakt, doe ik de deur open en ik loop hem tegemoet.

‘O, dat hoeft niet hoor!’, zegt hij als ik de bloemen overneem en hem bij de stokloze arm pak.
‘Er liggen hier een paar tegels scheef’ en ik wijs ze aan.
‘Ja, dat zie ik wel’, zegt mijn vader ongedurig en ik laat zijn arm maar weer los. De drempel, de mat, nog een drempel en ja, hij is binnen.

‘Gefeliciteerd’, zegt mijn vader. Hij klopt mijn man op de rug. Mijn zoon geeft hem lief een zoen.
‘Dag opa’, zegt hij.
‘Dag jongen’, zegt mijn vader.

Even later, als ik de boekenbon heb gekregen (‘ze weten nergens iets over e-boeken, niks weten ze in de winkels!’) en ik hem heb bedankt leg ik uit dat je met een gewone boekenbon bij Bol.com een e-book koopt. Daarna zet ik dat boek op mijn e-reader. Het is een vrij omslachtige procedure maar het kan.

‘Ik heb mijn rijbewijs gehaald, opa’, zegt mijn zoon.
‘Ja, geweldig,’ zegt opa en hij bekijkt het gloednieuwe, zachtroze pasje.
‘Wat sta je knullig op de foto’, zegt opa.

Mijn vader heeft de onhebbelijke gewoonte tegen zijn mannelijke kleinkinderen niet altijd aardig te doen. ‘Je haar is te lang’, hoorde mijn zoon al een paar keer. Of ‘doe eens goed je best op school.’ Deze opvoedkundige opmerkingen maakt hij ook tegen zijn andere kleinzoon. Deze is pas vijf jaar.

‘Hij gaat altijd huilen als ik wat tegen hem zeg’, vertelt mijn vader, ‘dan rent hij naar zijn kamertje en pas als je broer hem uitgebreid getroost heeft komt hij terug.’
‘Waarom doe je dat?’, vraag ik hem, ‘het is zo’n klein, lief mannetje. Dat is toch niet leuk.’ Mijn vader luistert niet naar wat ik zeg. Hij gaat gewoon door.
‘Ach, ben jij nu een man? zeg ik dan tegen hem. Echte mannen huilen niet.’

Mijn mannen aan tafel lachen als mijn vader zo’n beetje stoerig dit verhaal voor de zoveelste keer vertelt. Ik vind het niet leuk. En ik vind het raar. Hij heeft twee kleinzoons en allebei zijn het lieve, leuke jongens. Hij mag in zijn handjes knijpen met zulke kleinkinderen. En dat hij nog een tijdje met ze kan opleven. Het is een wonder.

Maar zo denkt mijn vader niet. Echte mannen huilen niet, ook al hebben ze net zo’n klein hartje als hijzelf. Dat Indische jongetje dat zich achter zijn oma of moeder verschool als er visite kwam. Of zich urenlang verstopte onder de tafel om maar niet vreemde mensen gedag te moeten zeggen.

Dinsdagochtend, nadat mijn vader aan mij verteld heeft dat het buiten 13 graden is, (‘dat kan ik zien op deze thermometer, die meet ook de buitentemperatuur!’) vertelt hij hoe koud hij het wel niet had in de strenge winter van 1939. Hij was als enige van het gezin op 17-jarige leeftijd met de boot naar Nederland gekomen om de HBS af te maken. Hij kwam in een opvanggezin in Heemstede terecht.

Op een onverwarmd kamertje bracht hij één van de koudste winters aller tijden door.
‘Je kon van de Crayenesterlaan helemaal naar het Spaarne schaatsen’, beweert mijn vader.
‘Het Spaarne stroomt, een rivier kan toch niet bevriezen?’, vraag ik.
‘Ja hoor, het Spaarne was echt bevroren’, houdt hij vol.

Ik zie het voor me. Die verlegen, donkere jongen, plotsklaps uit het warme Indie, overgeplant naar het ijskoude Nederland. Zo is mijn vader een echte man geworden. Harde smakken makend op het ijs achter het huis: ‘Ik heb wat scheuren veroorzaakt. Om de haverklap viel ik!’ Tja, echte mannen huilen niet. Ook al staan ze te wiebelen in de ijzige winterkou op te grote schaatsen en verlangen ze naar de veilige warmte van hun geboorteland.

Hij dacht op dat koude kamertje vast aan zijn lieve oma die hem jarenlang verzorgde. Nooit zag hij haar terug. Zijn gedachten moeten ook vaak naar zijn ouders en zijn broertje zijn uitgegaan. Hij zag ze pas na zeven lange jaren weer. Hij moet de overweldigende natuur, met zoveel tinten groen, de bonte dieren, de geuren en kleuren van dat prachtige land gemist hebben. Daar in dat kamertje, bij vreemden in huis, in het ijskoude Nederland.

Echte mannen huilen niet. Als ik wegga bij mijn vader valt mij opeens de krans op die hij aan de voordeur heeft hangen.
‘Hé, wat een mooie krans!’
‘Ja, vind je? Hij is een beetje kaal. Geen kleurige ballen zitten erin. Maar het zijn wel echte dennentakken.’ En hij tikt met zijn nagel tegen de krans.
‘Ik vind hem mooi met alleen de dennenappeltjes.’ En ik meen het.

Als ik wegloop zie ik op elke deur in de lange gang een krans. Het begint mij te dagen. Mijn vader past zich aan aan de heersende gebruiken. Hier, in deze flat, is dat een krans op de deur met Kerst. En dus heeft hij een krans. Aan de deur. Van verse dennentakken. Met dennenappeltjes.

Hij roept mij vanuit de deuropening na: ‘bedankt! Dat je er was.’
‘Ja, geen dank hoor. Tot donderdag!’. Ik kijk even om. Een donkere, iets gebogen oude heer onder een groene krans.

Een echte man, die vader van mij.

Advertisements

Leave a Reply

Please log in using one of these methods to post your comment:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s