Happy New Year

/home/wpcom/public_html/wp-content/blogs.dir/ad1/71051968/files/2015/01/img_5286.png
Om het oude jaar volledig in stijl af te sluiten belanden we in de laatste donkere dagen van 2014 bij de spoedeisende hulp. Ons kind droogt uit, zij moet een infuus. Max instrueren we kort over een op te warmen pizza ‘ga maar vast eten want het zal wel een tijdje duren.’

Uiterlijk doodkalm, innerlijk verontrust, rijden we naar het ziekenhuis. Naar de spoedeisende hulp. We mogen de auto voor de ingang neerzetten. Ook dit is verontrustend. Gewend aan slagbomen, parkeerkaartjes en betaalautomaten rijden we ietwat schichtig de licht glooiende asfaltheuvel op van de ambulances. Niet langer dan vijf minuten mag je hier staan waarschuwt een blauw-wit bordje. Dat is lang genoeg om man en dochter in een deprimerende wachtruimte achter te laten. De auto zet ik onderaan de heuvel. Weer gratis.

Ons kind hangt in een stoel met van die brede, beige armleuningen. Mijn man is, als ik binnenloop, net aan de beurt bij de balie met glazen raampjes. Achter hem vormt zich een lange rij. Een moeder met haar dochter en een zoon in voetbalkleren. ‘Gevallen op pols’, vang ik op. Moeder en dochter dragen dezelfde, oogverblindend-lelijke jas. Een lange, gewatteerde, zwart met schreeuwend-kleurige bloemen. Daarachter staan nog meer mensen, veel ouderen.

Het is niet te peilen waarvoor iedereen hier is. Niemand ziet er ziek uit. Behalve mijn kind. Zij zit met een spuugbakje spierwit naast mij in de stoel. Tegenover mij lees ik dat patiënten in vier categorieën vallen: rood/direct aan de beurt, oranje/bijna direct aan de beurt, daarna komen groen en blauw met een niet te lezen uitleg erachter. Toch weer eens mijn ogen laten nakijken.

‘Van Heusden’, horen we na vijf minuten wachten. We belanden onder leiding van de lieve zuster Mariska in de gang. ‘Het is druk in de herberg’, zegt Mariska,’helaas moeten we je hier op de gang plaatsen.’ Het zieke kind maakt het niets uit. En ons ook niet. Als het maar wordt opgelost. Eventueel in de gang.

Tegenover mij zie ik in behandelkamer 4 een oude dame scheef in een groot ziekenhuisbed liggen. Haar ogen zijn dicht. Links van haar ligt een jongeman met ontblote benen. Er is niet veel privacy hier.

Na een half uur wachten, nog steeds op de gang,- ons kind naast ons op een brancard -, rijdt men de oude mevrouw weg uit behandelkamer 4. ‘Houdt u uw handen maar binnenboord, mevrouw Spaargaren’, waarschuwt de broeder en zowaar zie ik de oude, gerimpelde handen zich verplaatsen van de randen naar het midden van het bed. Ze rusten op het witte laken. Na onhandig gemanoeuvreer,- ik moet mijn stoel verplaatsen en houd met argusogen de infuusslang in de kleine, jonge hand van mijn kind in de gaten,- lukt het het grote bed van mevrouw Spaargaren een andere ruimte in te rijden. ‘We maken even een foto’, hoor ik de broeder zeggen. De deur van de röntgenkamer sluit zich achter het grote bed.

Even later komt er weer een oudere dame binnen. Zij wordt geplaatst in kamer 4. Hé, waar moet mevrouw Spaargaren nu heen na de foto? Wij hebben zelf een behandelkamer al opgegeven. ‘Meisje Heusden’ blijft voorlopig op de gang. Gelukkig kan het meisje Heusden niets schelen. Zij ligt met haar ogen dicht aan het infuus. Langzaam druppelt doorzichtig vocht ons kind in.

Even later ligt mevrouw Spaargaren ook op de gang. Naast mij. Daarachter ligt een heel oude heer, zijn ogen dicht. Zijn haar staat potsierlijk rechtovereind. Mevrouw Spaargaren opent heel even haar ogen. Zachtjes vraagt zij: ‘is daar mijn schoonzoon?’ ‘Nee, hij is er niet’, antwoord ik. Net zag ik nog een man, kennelijk de schoonzoon, maar deze is in geen velden of wegen meer te bekennen.

Een half uur later halen ze mevrouw Spaargaren op. ‘Wij gaan nu naar afdeling G7’, zegt de verpleegkundige. ‘Is dat mijn schoondochter?’, vraagt mevrouw Spaargaren en zij kijkt naar mij. ‘Nee, dat is niet uw schoondochter’, zegt de verpleegster. ‘Zij lijkt anders sprekend op mijn schoondochter’, houdt mevrouw Spaargaren vol. Maar zij rijden weg. Naar afdeling G 7. Ik hoop dat haar schoonzoon haar kan vinden.

Na anderhalf uur is er een behandelkamer vrij voor meisje Heusden. Zij krijgt iets meer kleur op haar gezicht. Na nog een uur kijkt een aardige arts haar na. We mogen naar huis met instructies en medicijnen.

En hiermee is 2014 echt voorbij. Verleden tijd. Een nieuw jaar is hier. Met liefde, geluk en gezondheid. Veel van het eerste, genoeg van het laatste. Voor u allen en in het bijzonder voor ons meisje. Meisje Heusden.

Advertisements

Leave a Reply

Please log in using one of these methods to post your comment:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s