Geen kat op de zolder

 

Mijn man zuigt. Het geluid klinkt van ver en dat is gek want hij zuigt rondom mij, langs en onder de tafel, de stoelen, de bank. Ik lees de krant, gegrepen door mooie schrijfsels van anderen in de bijlage Tijd van Trouw. Voor mij staat de theepot en een glas met thee tot de rand gevuld, daarachter een groot glas water. De kruimels van het ontbijt op tafel, een paar maar, worden niet opgezogen. 

                        *

‘Ik vind de tulpen in deze vaas niet mooi’, zegt mijn man.
En inderdaad, de verse tulpen uit de Zilk (‘vers van de grond, mevrouw!’) staan op elkaar gepakt in de vaas. Het water troebelt door het glas heen.
‘Ik verdeel ze over twee’ en even later zijn de bloemen verdeeld. Hoe grappig, de vazen staan precies in het verlengde van mijn blik: vanaf mijn plek zie ik vaas één. Daarachter schemert vaas twee.
                          *
Ik staar naar ons boompje in de voortuin. Als je goed kijkt heeft het de vorm van een driehoek. Er komen rode blaadjes aan, één blaadje wappert verloren heen en weer, een verdord blad. De drie net-geplante cipressen groeien fier en strak richting hemel. Beneden is het opeens stil. Een paar buitengeluiden dringen vaag tot mij door. ‘Papa’, roept een meisje een paar tuinen verder. Boven hoor ik voetstappen. Mijn man heeft gedoucht.
                          *
Vanochtend sportten wij samen. De buitenlucht was koud, maar de lucht boven ons blauw, tintelfris. Het is vijf minuten fietsen naar de fitnesszaal. Mijn linkerhand kon ik zo nu en dan in de zak van mijn jas steken. Daarna de rechter. Zo bleven ze toch een beetje warm.
                         *
Na sport en ontbijt zit ik aan tafel. Beland bij pagina 22 van Tijd, de column van Gerbrand Bakker over zijn tuin in de Eifel. Ooit schreef Gerbrand Bakker een wonderschoon boekje, ‘Boven is het stil’, nu schrijft hij voor de zaterdag een column in Trouw.
                         *
De bel gaat en mijn man is naar de buurvrouw om een fiets te bekijken. Ik zit nog in mijn sportoutfit het fleece joggingpak dat ik ooit kocht voor 
€ 9,99 bij een Action-achtige winkel. Het pak bracht zijn geld ruimschoots op want het is een warm ontspanpak en na-het-sport-pak.
                         *
Aan de deur staat een buurvrouw van om de hoek. Ik ken haar van buurtbijeenkomsten, een vriendelijke vrouw. 
‘Hebben jullie een witte kat? Die zit waarschijnlijk bij mij op zolder en ik durf hem niet te pakken.’ Wij hebben een witte kat, hij is een zwerver en een beetje brutaal, dus dat kan.
                           *
Ik loop met haar mee, we bekijken de zolder, alle kamers, het balkon. Geen kat. ‘Moos’, roep ik een paar keer, maar dat klinkt mal, zo in een vreemd huis. 
Ik beloof de terugkeer van de kat in de gaten te houden. Moos wipt regelmatig bij ons aan. Voor eten, aaien, in de zon liggen. Op de terugweg naar huis passeer ik bekenden met hun hond. Ik maak een praatje. Kinderen, gezondheid, sporten.
                         *
En nu zit ik weer. Bij pagina 22. Onze boom in de achtertuin draagt opeens tere, witte bloesem. Mijn zoon slaapt. Mijn man fietst. Mijn dochter reist. Ik ga verder met Gerbrand Bakker, ‘Geen Hund op het Friedhof.’ Gerbrand heeft een hond, daar zal het verhaal over gaan. Onze kat is nog niet in beeld. De stilte duurt voort. Ik drink mijn lauwe thee. Op zaterdagochtend. 
                         ***

 

Advertisements

Leave a Reply

Please log in using one of these methods to post your comment:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s