J. Cole

Op dit einde van de middag zit een vogel in de boom. Zo’n acht meter hoog, op het tweede treetje van de hoogste tak. Een dunne tak, maar hij zit daar en zingt het hoogste lied. Zijn mollige lijfje zit roerloos, de tak beweegt zachtjes mee op de wind, zijn kopje steekt hij in de lucht, de twee kleine snavelhelftjes tekenen zich af tegen de grijsblauwe lucht. Het hoogste lied.

                          *
Zachtjes kruipt de poes naast mij op de bank. Zij wast zich zorgvuldig, haar roze tongetje in, uit, zo nu en dan moet ze even rigoureuzer werk maken van de schoonmaak, ze bijt en trekt wat haartjes uit haar vacht. Soms piept de zon tevoorschijn, het is zo’n middag waarop, ja waarop je rustig zit, na een drukke dag. Ik kijk op. De vogel is verdwenen. Ach, wat jammer. In de verte hoor ik nog het op en neer-gaande fluiten, verder en verder weg. Loomheid slaat toe. De gouden regen heeft opeens de karakteristieke hangende sliertjes groen: de druif laat voorzichtig wat knopjes en blaadjes zien en de clematis slingert zich tegen het speciaal voor dat doeleinde getimmerde rek aan.
                        *
De hortensia’s, heftig teruggesnoeid door de tuinman ‘dan groeien ze zo lekker weer op, zeker in de bemeste aarde’, dragen hun blaadjes, licht wapperend in de wind.
                          *
Boven ploetert mijn zoon met net zo’n examenbundel als hier beneden rondslingert op de buffetkast. Economie of Duits. Nederlands misschien. Of neemt hij nu pauze met een potje gamen? Ik weet het niet. Wel weet ik dat deze jongen na volgende week de vrijheid tegemoet gaat van een lange, warme zomer zonder verplichtingen. Ik denk aan zijn twee kleine handjes op het glas van peuterspeelzaal De Berenboot, zijn betraande gezichtje en zijn platte, witte neusje tegen het raam gedrukt. ‘Laat mij niet alleen…’, smeekten zijn bruine ogen, rood van traan en verdriet.
                         *
We laten hem binnenkort gaan. Alleen. Dan druk ik mijn neus tegen het raam en kijk. Daar loopt hij, lang en slank, de wereld in en hij verovert deze als Ivanhoe, Thierry de slingeraar. Deze fan van J. Cole, hip hop artiest -: ‘hij treedt vanavond op in Paradiso, zo’n kaartje kost wel €40,-‘- rijdt in mijn auto, ik zit naast hem, zijn hand reikt naar de volumeknop en ik luister naar J. Cole, hip hop artiest van naam.
                         *
‘I’m on my way, on my way, on my way down
I’m on my way, on my way, on my way down
You’re the one that was tryna keep me way down
Like a sun all you know if I’m on my way down’ *
                         *
He, de vogel is terug. En weer heeft hij het hoogste woord. De bloesem van de kersenboom bloeit, de poes is klaar met wassen. Mijn zoon zit naast mij op de bank. Het wordt lente. Nee, het is lente.
                          *
‘Nobody’s perfect, nobody’s perfect ey, ey

 

But you’re perfect for me

 

Nobody’s perfect, nobody’s perfect ey,

 

But you’re perfect for me’ **
                       ***
* ‘Crooked smile’, J. Cole
** ‘Nobody’s Perfect’, J. Cole

 

Advertisements

Leave a Reply

Please log in using one of these methods to post your comment:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s