Ademtocht

 Naast mij zit een man met een pet. Een grijze pet. De man zelf ziet ook grijs: grijze trui, grijs/donkergrijs gestreepte sjaal en over zijn gezicht zweemt een lichtgrijze stoppelbaard. Er zit 0,5 cm tussen mij en de man. Dat is weinig. Genoeg om soms een vleugje zweet te ruiken, zijn adem. Verschraalde wijn, ongepoetste tanden. Ik draai mijn hoofd schielijk weg. Maar mijn neus heeft het onraad geroken. 
                         *

De gemiddelde leeftijd van het verzamelhok op Schiphol is 60, 65 jaar. Het is fijn om buiten de schoolvakanties op vakantie te gaan maar ik vraag mij af wat erger is: een verzameling ouders met blèrende kinderen of een groep uitgebluste VUT-ters. Allebei is het erg. Maar dit alles dient een doel, een goed en hoger doel. We vliegen naar Samos. 

                         *

Op Samos is helaas de komende dagen het weer niet best. Dat zag ik op de weerapp met de vrolijke naam Yahoo! Nou, niks yahoo! op Samos de eerste twee dagen. Wolkjes met druppels. Van de regen in de drup, zeg maar. Wel zijn de kleuren en vooral geuren anders op Samos, zo anders. Gele geuren, oranje kleuren, citroen, sinaasappel, fris en fijn, zo fijn. 

                            *

De bejaarde massa komt direct tot leven zodra de crew kwiek binnenstapt. Lange piloten, dunne, verzorgde meisjes met sjaaltjes en koffertjes. De emancipatie leidde nog tot niets anders. Naast mij kucht de man in het grijs en het vleugje adem bereikt mijn geursensoren. Weer te laat het hoofd afgewend. 

                          *

De dame naast mij, zilveren oorringetje en comfortabele gympen probeert op mijn iPhone schermpje te kijken. Daarop tik ik dit verhaal. Als ik haar aankijk schrikt ze en ze kijkt gauw weg. Haar nagels heeft ze donkerroze gelakt. De randjes lak zijn rafelig. 

                         *

De man met pet gaapt. Een hele vleug waait richting mij. Ik adem door de mond en houd stand. Het alternatief is twee plekken rechts van mij gaan zitten, daar zijn twee stoelen vrij. Maar dat zou raar zijn. De man zou kunnen raden dat hij ruikt. Vooral uit zijn mond. 

                            *

De crew gaat aan het werk en de reizigers staan al dan niet moeizaam op om in de rij te wachten. Wachten dat duurt en duurt. Scannen van instapkaarten. Hoeveel keer zegt het meisje: ‘goedemorgen’? Hoeveel mensen passen in een vliegtuig? 100, 150? Ik weet het niet. Ik kijk op mijn instapkaart. Wij zitten in het midden, rij 16. Ik reken: 32 rijen x 6 stoelen, 3 aan 3 = 192. 192 keer zegt het scanmeisje ‘goedemorgen.’ Het is 5.30 uur.

                         *

In het vliegtuig is het enige dat hindert een elleboog van de man naast mij. Ik kan mijn rechterarm niet kwijt en plaats deze dan maar strak tegen de leuning aan. Ik sluit mijn ogen. 

                         *

De geuren en kleuren kloppen en zijn toch anders dan daarvoor. Frisgroen dit keer, de bomen en struiken. Blauw, zo blauw de zee. En de zon verwarmt kleur en geur. Ik adem diep in. We zijn er.

                         ***

 

Advertisements

Leave a Reply

Please log in using one of these methods to post your comment:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s