Dood

  
Jasper is dood, de hond van Gerbrand Bakker. Gerbrand Bakker, schrijver van ‘Boven is het stil’, schrijft een wekelijkse column in Trouw. Vaak vertelt hij over zijn huis en tuin in de Duitse Eifel. Jasper rent daar rond, snuffelt aan struiken en hekjes en houdt voornamelijk Gerbrand gezelschap.

                         *

En nu is Jasper dood. De hond was uit logeren en toen Gerbrand hem ophaalde was hij zo blij dat hij zijn baas begroette ‘uitzinnig van vreugde, met gejank en gepiep, rare sprongen, waardoor hij zijn kop stootte, want hij was al sinds twee weken blind.’

                         *

Elke avond zei Gerbrand tegen Jasper ‘Lekker maffen’ en daarna ‘Welterusten jongen.’ 

                         *

Bij ons wonen twee poezen. Broer en zus, Moos en Saar. Hun namen kloppen niet met hun verschijning. Het zijn Siberische boskatten, Saar gedistingeerd als een dame uit Amsterdam-Zuid met haar pink omhoog aan de thee in een sjieke tent in de van Baerle-straat. Moos, een witte tijger met de kop van het meest fotogenieke mannelijke model uit de catalogus van ‘Cat-models.’ 

                         *

Hun namen, geschreven in van die kroontjespenletters op de officiële stamboom-formulieren luiden Bijoux en Balthasar. Hun doopnamen passen beter bij hun voorname voorkomen, maar we zagen en vooral hoorden het niet voor ons, ‘s avonds roepend: ‘Bijoux, Balthasar!’ En dan maar rammelen met de rood-blikken pot met droge brokjes. 

                        *

Dus werd het Saar en Moos. Op een gewone dag, werkend aan de eettafel, laat ik ze naar binnen en naar buiten. Voortdurend sta ik op als Saar krabbelt aan de glazen schuifpui, Moos je mistroostig aankijkt. Als ze naar buiten willen miauwen ze beiden luid en zetten ze hun klauwen in het kleed dat bij de achterdeur precies in de rechthoek, uitgesneden in de houten vloer, past. Het ruwe kleed is in de loop der tijd nog ruwer geworden door het getrek van de nagels aan de krullerige structuur. 

                          *

‘s Avonds zitten ze bij ons op de bank. Wie het eerst komt zit het lekkerst. Meestal wint Moos de wedstrijd. Languit ligt hij te spinnen en laat hij met zich sollen, want vaak moet hij zijn comfortabele lighouding wijzigen met drie personen op de bank. Het maakt hem niet uit. Hij krimpt in, schuift op, maar blijft liggen, naast of op de lichamen met warme handen die hem aaien. 

                        *

Saar ligt elders. Zij wil niet naast haar dominante broer liggen. Meestal ligt zij op het nep-bontje dat ik ooit kocht bij de Action. Een groezelig bontje op de Barcelona-voetenbank. Verprutst design.

                        *

Soms ligt Saar eerder op de bank dan Moos. Gisteravond was dat het geval. Moos nam beledigd plaats op de Barcelona-stoel. Hard leer in plaats van een zachte bank en warme handen. 

                         *

Als we gaan slapen vraag ik: ‘Kom, ga je mee?’ Braaf lopen ze mee. Saar op het bontje, Moos in zijn mandje waar hij half uit valt omdat het mandje te klein is voor zijn grote lijf. Als ik de kamerdeur dichttrek zeg ik: ‘Slaap lekker, tot morgen.’ Dan kijken ze mij aan en verbeeld ik mij dat ze hun ogen toeknijpen.

                        *

En nu is Jasper dood. Gerbrand Bakker gaat slapen zonder ‘Lekker maffen’ en ‘Welterusten, jongen.’ 
Ik moet er niet aan denken.

                       ***

Advertisements

Leave a Reply

Please log in using one of these methods to post your comment:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s