De wandeling

Zo nu en dan doen wij wat leuks. Zelf kom ik niet verder dan een goede film of lekker uit eten. Mijn man is origineler. Hij regelde een half jaar geleden een Ciske de Rat-wandeling. En nu is het zover. De wandeling start bij het Centraal Station in Amsterdam en staat onder leiding van gids Daan.
                     *

Als wij om 10.00 uur aan komen lopen staat het groepje wandelaars al klaar op de afgesproken plek voor het station. Twee oudere dames en een echtpaar met hun zoon van een jaar of 11. Daan start monter met de tocht. Wij lopen en lopen en we zien dat Amsterdam wordt belaagd door toeristen met rolkoffers.  

                        *

Ratelend als mijn vroegere rolschaatsen met loden wieltjes stuiteren de koffertjes over de keien: roze, grijze, zwarte, grote en kleine rolkoffers. Een andere plaag zijn de wietwolken die opstijgen uit shops op iedere hoek van de straat. Zoet- weeïge vlagen dringen mijn neusgaten in. Groepjes rondzwervende mannen maken het beeld van onze hoofdstad compleet: getatoeëerde Engelsen, ze lachen, slaan elkaar op de schouders en drinken om 10.30 uur ‘s ochtends potjes bier. ‘s Avonds zal daar nog meer bier, gelal en hoeren-begluren bij komen kijken, denk ik, gok ik zo. Holy moly.

                           *

Intussen volgen wij Daan. Hij wijst ons op Het Kolkje, waar de film uit 1955 begint met Ciske, zittend op de ijzeren reling voor het water. We staan even stil bij de ‘Strijk-en-waschinrichting’ van de lieve tante Jans en het huis in de jaren-vijftig-film van de vreselijke moeder die Ciske vermoordde. En in de Czaar Peter-buurt staat de school van Ciske uit de jaren-tachtig-film. 

                         *

Op de Magere Brug zingt gids Daan een lied uit de film met Danny de Munck. Of uit de musical. Ik staar – met mijn handen diep in de zakken van mijn jas – over het water richting de Stopera. Ik voel me lichtelijk gegeneerd terwijl Daan uit volle borst zingt: ‘Amsterdam, is poep op de stoep, haat in de straat…‘ Een aantal toeristen kijkt verbaasd-geamuseerd naar ons, groepje van zeven, dat de Ciske de Rat-wandeling doet. In mijn jaszak trilt opeens mijn telefoon. ‘Straks even kijken’, denk ik. Na het lied.

                          *

Als het lied gezongen is lopen we verder. De stad ligt intussen in de zon zo mooi te zijn dat het pijn doet aan mijn ogen. Holy moly. 
Ik haal de telefoon uit mijn jaszak en ik lees een bericht dat gaat over Trix, de stokoude vriendin van mijn vader met de onlangs geopereerde knie. Zij kwam twee weken geleden bij mijn vader langs met Indische ontbijtkoek: ‘Heerlijke koek! Neem vooral!’, zei mijn vader twee weken lang tegen mij. De koek – liefdevol door Trix in kleine plakjes gesneden – raakte maar niet op. 

                         *

De 92-jarige Trix werd vorige week opgenomen in een Gelders ziekenhuis met onbegrijpelijke maagklachten. Ik schreef een kaart, nam deze mee naar mijn vader en ik vroeg of hij ook een zinnetje wilde schrijven. ‘Het gaat niet goed met Trix’, vertelde ik. ‘Ze vindt het fantastisch als we haar een kaart sturen.’ Mijn vader tekende letter voor letter een paar beverige woordjes. Toen hij klaar was vroeg ik: ‘Zet je je naam er niet onder?’ 

‘O ja’, zei mijn vader. Hij keek mij aan. 

‘Ad’, zei ik, ‘A…D.’ En mijn vader tekende A…D. Nu stond er, bibberig en nauwelijks leesbaar: ‘Liefs, Ad.’

                         *

We lopen achter Daan aan, richting Artis. En ik lees op mijn telefoon:
Dag Annelie, ik wil je laten weten dat Trix rustig in het stadium van palliatieve sedatie is beland, dus geen contact  meer. Maar vooral dat jullie kaart op tijd kwam, dat ze er zo blij mee was en zeg je vader dat ze van oor tot oor glimlachte bij zijn boodschap. Ze wilde geen verdere behandeling meer. We hebben sterk de indruk dat ze na hun ontmoeting de rust had hiervoor te kiezen.’

                         *

Ooit paste vrijgezelle Trix belangeloos op onze kinderen. Ooit was zij haar grote liefde tegengekomen. Dat gebeurde zo’n twintig jaar geleden en haar grote liefde was mijn vader. Hij wilde wel wat vriendschap. Mondjesmaat gaf hij toe aan Trix’ vragen en uitnodigingen voor uitstapjes. Liefde, nee, dat voelde hij niet voor haar. En nu is alles over en uit. De koek is op. 

                         *

En ik loop en loop over de prachtige grachten, ik zie de pakhuizen, ik ruik Artis en ik denk aan Trix, mijn vader, aan oude mensen en al die dingen die voorbij gaan. 

                          *

Voor het huis in de Czaar Peterstraat waar Ciske woonde in de jaren tachtig-film zingt Daan een laatste lied:

Misschien dat ik ooit het geluk nog vind

Maar hoe, dat is een groot probleem

Had ik maar iemand om van te houden

Twee zachte armen om me heen

Die mij altijd beschermen zouden

Ik voel me zo verdomd alleen

                        *

Vaarwel Trix. Vaarwel.

                      ***

Advertisements

Leave a Reply

Please log in using one of these methods to post your comment:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s