In gesprek

2015/01/img_5355.png
‘Hallo met mij!’
‘O hoi, hoe gaat het?’
‘Ja, goed wel hoor.’

‘Is Julia thuis? Zij zou vandaag bij mij komen om te strijken.’
‘Ja, zij is beneden, ik loop wel even naar haar toe.’

‘O, ja, als je mij wat wil geven voor mijn verjaardag, dan weet ik wel wat. Ik weet niet of je iets wil geven? Je hoeft eigenlijk niets te geven.’
‘Natuurlijk krijg je een cadeau. Je hebt ook nog wat te goed van Sint. Die friteuse vond je te groot, die hebben wij nu.’

‘Het gaat om twee kussens. Nee, ik bedoel twee kussenovertrekken. Wacht, ik heb hier een krantje, ik kijk even…’
(…)

‘Hier heb ik het: kussenovertrekken bij de Action, allemaal kleuren.’
‘Wat voor een maat kussens heb je nodig? Bedoel je die platte kussens op de bank?’
‘Ja, wacht even, ik kijk naar de maat.’
(…)

’50 bij 50 centimeter zijn ze’
‘Oké, dat lukt wel. Ik heb laatst voor Julia bij de Hema leuke kussenovertrekken gekocht, grijs fluweel, lekker zacht. Is zoiets goed?’

‘Eh, ja, maar ze hebben dus bij de Action kussens in allerlei kleuren. Ik bedoel overtrekken!’
‘Ik kom er wel uit, hoor. Heb je verder nog wensen? Een boek, iets van kleding, een lekker luchtje?’

‘Nee. Nou ja, ik gebruik wél als de douchehulp komt, die douchegel die ik van je kreeg.’
‘Die van Rituals? O, dat vind ik leuk om te geven, ik kijk er naar.’

‘Ja, maar geen drie hoor!’
‘?’ (…)

‘Ik hoef eigenlijk niets voor mijn verjaardag. Je hoeft niets te geven.’
‘Het komt wel goed, ik kijk zondag naar je kussens. Ik geef je nu Julia. Tot zondag!

‘Ja, daag!’

Advertisements