Nai e Oxi

  
De zon in het Zuiden verschijnt achter de wattige wolken in het blauw. Een zachte wind doet de hoge bomen ruisen, de haan van de overbuurman kukelt er op los. Vandaag horen wij of het ja of nee wordt voor de Grieken. Ambtenaren zijn druk aan het rekenen, Dijsselbloem bereidt zich voor op de belangrijkste vergadering van zijn voorzitterschap. Op de hielen gezeten door zijn rivaal, de Spanjaard De Guindos, die ook zo graag voorzitter wil zijn van de Eurogroep. Het is een warme zomer. 

                         *

Duitsland steunt de kandidatuur van de Spanjaard. ‘Dat is niets persoonlijks’, zoals gisteravond een Spaanse politicoloog uitlegde op het Nederlandse journaal dat wij in ons Franse huisje gewoon kunnen kijken. ‘Spanje heeft nog geen belangrijke Europese post binnen Europa en vindt, met Duitsland, dat het daar tijd voor wordt.’ Daarbij komt dat de Spanjaard als minister van Economische Zaken flink bezuinigd heeft in Spanje dat ook op het randje van de Europese afgrond bungelde. Een beloning waard, solidariteit uitbetaald in erebaantjes.

                         *

Tijdens het debat in het Europese parlement waarbij Guy Verhofstadt Tspiras als een kleine jongen de les leest, zie ik een glimlach op het gezicht van laatstgenoemde. Hij heeft een koortslip, Alexis Tspiras. Links, een beetje naar het midden toe, zit op zijn volle onderlip een rooiig blaasje dat ongetwijfeld hindert bij het eten, drinken en glimlachen. Hij zal lange dagen hebben gemaakt, deze rebelse premier. Sjors van de rebellenclub. 

                          *

De nog grotere rebel, Varoufakis, was te brutaal. Deze reed op zijn motor met zijn blonde Griekse schone uit het zicht van de camera’s. Ons achterlatend met het gevoel: ‘was dit alles nu gepland?’ Is het geniale strategie? Een ‘bad’ en een ‘good guy’, een razendsnel georganiseerd referendum, opnieuw voorstellen indienen – bijna dezelfde als die van de gehate trojka – maar nu met de trots van 61 % van de Grieken achter zich? 

                          *

Hij lijkt me slim, die Tspiras. Een linkse strateeg.

                         *

Uit de struiken kruipt voorzichtig, maar kwiek en zilverachtig, een hagedisje tevoorschijn. Even staat hij doodstil op de warme, zandkleurige stenen van het terras. Hij heeft een lange, spits toelopende staart. Bij de minste beweging aan de tafel schiet hij terug, de veilige struiken in. 

                          *

In de lavendeltakken die vlak boven de tegels hangen zoemen dikke bijen. Totaal gefixeerd op de paarse bloemen kruipen ze erop en zuigen ze zich vol.

                         *

Hier in het Zuiden, daar waar vele Noorderlingen dezer dagen naar afreizen in warme, volgeladen auto’s, jagend op de autoroute naar de warmte, is het leven verstild. Winkels in dit Zuid-Franse dorp zijn urenlang dicht, op de kapper, een bloemist en de bakker na. Er ontstaat pas reuring op de wekelijkse marktdag. Dan zijn opeens alle winkeltjes open. Men ontmoet elkaar, koopt een tomaat hier, een olijf daar. Men loopt rustig naar la voiture – niemand hier die fietst – en rijdt naar huis. Daar zit men veelal binnen, te warm om buiten te zijn. De turquoise luiken zijn gesloten.

                         *

Frankrijk en Italië steunen de Grieken. Duitsland en Nederland zijn streng. Estland, Letland en Litouwen balen ronduit van het rumoer rond en getreuzel van Griekenland. Zij bezuinigden dan wel hervormden zo streng dat hun bevolking 40% armer is dan de sneue Grieken. 

                          *

Europa balanceert op het touwtje tussen ijver en rust. Koude en warmte. Tempo maken en doorwerken versus de winkel dichtdoen om uitgebreid te lunchen. Een broodje kaas wegslikken achter de computer of twee, drie verrukkelijke gangen nuttigen in een van de vele restaurants of lekker thuis.

                           *

Wat is wijsheid? Het gevoel zegt dat wij elkaar moeten vasthouden. In het verenigde Europa verdienen wij – in ieder geval Duitsland en Nederland – domweg meer geld. Politieke eenheid zou op termijn de economische positie van Europa nog sterker maken dan deze nu al is. 

                         *

Aan de andere kant zien wij met lede ogen tientallen miljarden euro’s naar het Zuiden wegvloeien. Euro’s die wij ‘uitlenen’ maar waarvan wij diep in ons hart weten, vermoeden, dat wij deze niet terug zullen zien. Niet allemaal althans. 

                          *

‘Wat is een miljard eigenlijk?’, vragen wij ons af, hier in ons gerieflijke, Franse huurhuis. 

‘Duizend miljoen, negen nullen’, weet onze dochter.

‘Honderd miljoen’, denkt mijn man. Maar het is duizend miljoen. Negen nullen.

Nederland leende Griekenland twintig miljard waarvan – zo weet ook onze dochter – wij achttien miljard terug moeten krijgen. Achttien duizend miljoen euro. Achttien duizend winnaars van een miljoen euro in de Staatsloterij. Volgens ons kind moeten we stoppen met lenen. Volgens mijn man ook.

                          *

En ik? Ik twijfel. Ik ben voor het bundelen van de krachten. Voor politieke eenwording in Europa. Voor een duurzame toekomst. Soms een broodje kaas tussen de middag, maar nu twee verrukkelijke gangen in restaurant Cote-Bastide of Au fil de l’eau aan de oever van La Dordogne. Met een glaasje vin du Ste Foye-Bordeaux.

                         *

Bon appetit!

                          *

Nai!

                       ***

Advertisements

Werkdag

 ‘s Ochtends vroeg fiets ik door de Bollenstreek: twee potige mannen staan op het veld. Bruine stengels staan als rechtopstaande sigaren in een zanderige doos. Stengelresten, overgebleven van de tulpen van weleer. Rechte voren snijden het veld in reepjes. 
                       *

De potigste man doet aan de ander voor hoe je een krat tilt. Ik rijd te hard om te zien wat er precies in zit. De stengelrijtjes staan precies recht achter elkaar op het veld, zo ver je kijken kan, tot aan de einder. Even verderop trekt een tractor diepe voren in het veld. Een vrouw harkt in de showtuin blaadjes bij elkaar. 

                          *

Een vredig beeld. Een beeld dat doet denken aan eenvoud van bestaan: schoffelen, ploegen, zweten en tillen. Het leven teruggebracht tot aarde, vruchtbaar land, zaaien en oogsten. 

                       *

De tegenstelling met de wereld waar ik naar toe fiets van denken, computers, beleid, strategie en politiek is zo groot. Het is bijna niet voorstelbaar. Hoe overbrug je natuur en harde grond met snelle ICT en toekomstdenken?

                           *

De rit op de fiets ordent de gedachten tussen oude en nieuwe werelden. De wereld van Merijntje Gijzen en de wereld van Whatsapp. Honderd jaar exponentiële groei veranderde het beeld, ons leven.

                           *

Een huis, wit geschilderd, staat minstens een eeuw lang als een geruststellend icoon in het kale land. De verbinding met nu wordt gelegd door het bord ‘Te koop’. Onrust maakt zich van mij meester. Te koop. Bij wie? Welke makelaar? Ik zal zo eens kijken op internet. Hoe veel, hoe duur, wat zou ons huis opbrengen?

                          *

Het hoofd gaat aan het werk. Het lijf trapt stug door. Langs de velden. De horizon met de trein. Erboven zweeft schuin een vliegtuig. Streep aan de hemel. Bruin zijn de velden. Bruin.

                             *

Ik denk aan het zwoegen. De arbeid. Het verplaatsen van de arbeid van hand naar hoofd. En waar is het hart? Het gevoel, de schoonheid van de natuur, de ontroering: het groen, de schoffelende mens, de zwetende arbeider op zandgrond. Tegenover het denken: kantoorgrijs, de tikkende medewerker, taai overleg aan ovalen tafels.

                           *

De wereld verandert en toch: iets blijft over van voorbije tijden. De pracht van een veld, de schreeuw van een ekster, de zwoegende mens.

                           *

Zomaar een ochtend. Woensdag. Werkdag. 

                         ***

Happy days

     

    Erbarme dich,
    Mein Gott,
    Um meiner Zähren willen
    Schaue hier,
    Herz und Auge weint vor dir
    Bitterlich.

                            *

    Het is Goede Vrijdag. Op Twitter lees ik: ‘@KoningWeb: Volgens mij vond Jezus het een uitgesproken kutvrijdag.’ Ik glimlach.

                             *

    Het is stil in huis. Slaperig riep ik vanochtend naar mijn man: ‘regelt Max vandaag zijn herkansing?’ Ik hoorde daarop twee bromstemmen in de badkamer. Daarna moet ik weer in slaap gevallen zijn. 
                             *
    Heel flauwtjes schijnt de zon achter het wolkendek. Als ik naar de lucht kijk knijp ik mijn ogen dicht. Hij schijnt. Of zij schijnt. Ik lees de prachtige column van Wim Boevink in Trouw. Over landschappen vanuit de trein, Hollandse landschappen in het Gemeentemuseum Den-Haag, bewustwording en de terugreis. Nu kijkt Wim wel uit het raam. En hij ziet de wolken van Weissenbruch. 
                             *
    Ik ben op pagina vier van Trouw. Achter de Trouw liggen de resten van mijn ontbijt: eierschil, een leeg eierdopje, zout, een leeg en halfvol glas thee. Kruimels. Ook een landschap, stilleven van een mooie ochtend. 
                             *
    Op de achtergrond hoor ik Bach: fluit, zang, strijkers, en de wonderschone teksten over leven en lijden.
                              *
    En ik denk aan gisteren. Hoe ik met een paar collega’s nadacht over de toekomst van onze organisatie. Ik zie jonge gezichten, verwachtingsvol. Oudere, wat meer getekend en berustend. We kennen elkaars namen en op welke afdeling we werken. We komen elkaar tegen, in de gang, beneden bij de receptie, soms zijn we in overleg met elkaar. Maar wie zijn wij? Ik vraag, een beetje beschroomd, naar hun droom. Ook een soort van toekomst, maar dan die van jezelf. 
                             *
    Voor het vertellen van je droom is vertrouwen nodig. Ik kijk rond en zie de gezichten. Ik begin. En ik vertel over mijn schrijven en de stille droom die daarbij hoort. Daarna horen wij in tien minuten de dromen van ons aan. 
                             *
    Zij die ziek zijn willen beter worden, vijftig jaar worden. Zij die alleenstaande ouder zijn willen trouwen, gelukkig zijn en blijven. De bezige wil iets minder bezig zijn en eigenlijk, diep in haar hart, net zo zingen als de sopraan die ik nu hoor. De jonge, sprankelenden gaan op reis, kopen een snelle auto. Ik kijk weer het rondje langs. De toon is gezet en we spreken over ‘koers’, het ‘wat’ en ‘hoe’. We hebben het over ‘communicatie’, ‘praatplaat’, ‘infographics’ en ‘interactie’. 
                             *
    Na afloop vraag ik of de bijeenkomst voldoet aan hun verwachtingen. ‘Ja, maar Annelie, voldoen wij ook aan die van jou?’
                             *
    Ja. En als ik aan jullie denk bewonder ik jullie. Jullie openheid, onbevangenheid, slimheid, loyaliteit, betrokkenheid. Jullie bereidheid je kennis en ervaring, ideeën en wensen met elkaar te delen. Voor deze organisatie. Voor de toekomst van deze organisatie. En dat alles op respectvolle en positieve wijze. Dank daarvoor. 
                             *
    Ik sluit af. Allen blijven zitten en praten met elkaar. Ik zie een foto van een aanbiddelijk meisje dat een handje legt op haar zieke moeder.
                              *
    Erbarme dich.

                                ***